De dag die komt!

Overweging op zondag 13 november 2022 door Jan van de Sman

Bij: Maleachi  3, 19 t/m 21  en Lucas 21, 5 t/m 19

 

Duistere wereld

Ik heb een vriendin en die is blij dat ze geen kleinkinderen heeft. Telkens als ik enthousiast vertel over mijn kleinkinderen, zegt ze: ‘en toch ben ik blij dat ik geen kleinkinderen heb’. En dan begint ze haar betoog dat ze snapt hoe fijn het is om opa of oma te zijn, maar dat de kinderen van nu een onleefbare wereld tegemoet gaan.

Eerlijk gezegd maak ik me daar ook zorgen over. Wat voor wereld laten we hen na, wat staat hen allemaal te wachten. Oorlogen, vluchtelingen, armoede, honger, natuurrampen, het lijkt erger dan ooit. Alle zekerheden lijken weg te vallen, het klimaat verandert, de economie begint vast te lopen, de democratie stelt steeds minder voor, er wordt zelfs gedreigd met atoomwapens. Wat voor wereld gaan we tegemoet? Is er wel toekomst voor onze kinderen en kleinkinderen?

Het einde nabij

Daaraan moest ik denken toen ik me verdiepte in de lezingen van vandaag. In Lucas vertelt Jezus dat van de tempel geen steen op de ander blijft, alle pracht en praal eindigen in één grote puinhoop. En daar blijft het niet bij. Grote verschrikkingen komen eraan en we zullen vervolgd worden om Jezus’ naam. Zijn dat de tekenen die het einde van de wereld aankondigen? De lezing van Maleachi is er nog wat duidelijker over: er komt een dag dat God het niet langer kan aanzien en ingrijpt. Dan komt er een einde aan de macht van de goddelozen, dan zal er eindelijk gerechtigheid zijn voor allen die leven naar Gods Woord. Telkens weer worden we aan het einde van het kerkelijk jaar in de schriftlezingen gewezen op de verschrikkingen die aan het einde van de wereld vooraf gaan.

Troost en bemoediging

Ongetwijfeld zullen er weer fundamentalistische christenen zijn die denken dat het nu wel zover moet zijn, gezien alle ellende in de wereld. Dat nu ongetwijfeld het einde van de wereld nabij is en het laatste oordeel voor de deur staat. Maar we weten dat dit soort schriftteksten niet zo letterlijk verstaan moeten worden. Het is zogenaamde apocalyptische literatuur die aansluit bij de wereld- en godsbeelden van toen: vol metaforen en symboliek. Ondanks de angstaanjagende beelden zijn het teksten die bedoeld zijn om te troosten in tijden dat het de goddelozen goed gaat en de godsgetrouwen leven in armoede en verdrukking. Sterker nog: het zijn teksten die bemoedigen om ondanks alles volhardend en trouw de weg te gaan die God ons wijst.

Hoop en vertrouwen

Toen Lucas zijn evangelie schreef, was de tempel van Jeruzalem waarschijnlijk al verwoest. De gevluchte joden en christenen waren lang niet overal welkom. Ze werden vaak als een bedreiging voor eigen volk en cultuur gezien. De jonge kerk kreeg steeds meer met vervolgingen te maken. Ook toen werd er gedacht aan de apocalyptische schriftteksten, ook toen waren er lieden die opriepen lijdzaam het einde af te wachten en uit te zien naar Gods ingrijpen.

Maar opvallend in de tekst van Lucas is dat Jezus waarschuwt voor dat soort mensen. Jezus gaat niet in op de vraag of alle ellende voortekenen zijn van het einde. Hij roept zijn volgelingen op om met woord en daad te getuigen van hun geloof in de weg van Jezus. Juist in tijden van vervolging en dreigend onheil moeten er woorden klinken van hoop en vertrouwen: woorden die perspectief bieden.

Geroepen om te getuigen

Ook voor ons in deze moeilijke tijd komt het er op aan dat we blijven geloven dat liefde en gerechtigheid het laatste woord hebben en uiteindelijk perspectief bieden. We worden vandaag opgeroepen om tegen alle doemdenkers en betweters in met woorden en daden te getuigen van ons geloof in een nieuwe wereld. Daar is best veel moed voor nodig. Wij worden weliswaar niet vervolgd om Jezus’ naam, maar voor velen in onze samenleving is de weg van Jezus een doodlopende weg geworden.

Recht uit het hart

Klinkt onze boodschap nog wel geloofwaardig te midden van al die onverschilligheid ten aanzien van ons geloof? Hebben onze woorden nog overtuigingskracht? En dan horen we Jezus zeggen: ‘Maak je geen zorgen over wat je zult zeggen: open je hart en de woorden komen vanzelf. Vertrouw op Gods Geest die leeft in jou. God woont niet meer in tempels van pracht en praal, Jouw hart is nu de tempel van Gods liefde en wijsheid.’

Jouw hart is nu de tempel van Gods liefde en wijsheid.

Maar soms is ons hart leeg en vol wanhoop. Soms lijken de problemen van de wereld ver weg, omdat er in ons eigen leven verschrikkelijke dingen gebeuren. Het noodlot kan ons heel persoonlijk raken, de ouderdom slaat toe, ons lijf laat ons in de steek, de dood kruist ons pad, we zijn ons leven niet meer zeker. Angst, pijn en verdriet kunnen ons verlammen tot in het diepst van onze ziel.

Juist dan kan het op een dag zomaar gebeuren dat er een kracht in ons hart opwelt die ons boven alle ellende uittilt. Dat we een liefde voelen die sterker is dan de dood, een liefde die ons draagt door alles heen. Juist dan kan er in ons een bron gaan stromen van levenswijsheid, een bron van verlichting en geloofwaardigheid, een bron van geloof en vertrouwen in de toekomst. Diep in ons hart ligt de kiem van een nieuwe wereld.

Licht in het duister

De dag komt dat God het niet langer kan aanzien en ingrijpt. Is die dag nog ver weg, of juist heel dichtbij? Die dag breekt aan op de dag dat Gods liefde in ons hart tot leven komt. Die dag breekt aan op de dag dat wij het niet langer kunnen aanzien en ingrijpen. Vanaf die dag zal ons geloof, onze hoop en onze liefde de wereld een nieuw gezicht geven. Ons geloof, onze hoop en onze liefde zullen een licht zijn in de duisternis. Dan worden wegen zichtbaar naar een veelbelovende toekomst voor ons, onze kinderen en onze ‘lieve’ kleinkinderen.

Amen

0 antwoorden

Plaats een Reactie

Meepraten?
Draag gerust bij!

Geef een antwoord

Het e-mailadres wordt niet gepubliceerd. Vereiste velden zijn gemarkeerd met *